|
MELK
- 3390 -
Niederösterreich,
met
Benedictijnenklooster
op een hoge granietrots en Kloosterkerk van de
heiligen Petrus en Paulus, naar kaart
Oostenrijk, naar
stedenlijst Oostenrijk.
Het klooster Melk,
een der beroemdste barokke complexen van Oostenrijk,
ligt imposant op 57
m hoogte boven de Donau. Het fraaiste gezicht op de benedictijnenabdij
heeft men vanaf de rivier. Rond 900 was de plaats een grensvesting van
de Hongaren. In 976 werd zij door Leopold I veroverd. Op instigatie van
Leopold II vestigden er zich benedictijnen uit Lambach. Op 13 oktober
1113 werd het gebeente van de heilige Koloman uit Stockerau hier naar
toe overgebracht. Het klooster kreeg een stichtingsoorkonde, met het
zegel van bisschop Ulrieh van Passau.
In 1227 werd het plaatsje verheven
tot markt,
in 1297 werd het door een grote brand geteisterd, in 1306
bouwde men het weer op. De zgn. 'Melker Reform', een hervorming van de
kloosterregels, met het doel een straffere discipline door te voeren,
had plaats in 1418. Tijdens de Reformatie was Melk korte tijd
protestants. Steeds weer werd het getroffen door verwoestende branden.
In 1683 brandde het klooster af. Onder abt Berthold Dietmayr.
1700-1726, werd het van de grond af
opgetrokken. In 1702 begon Prandtauer met de bouw, maar hij kon hem niet
voltooien. Zijn opvolger was J. Munggenast. In 1735 verwoestte een brand
gedeelten van het nieuwe klooster en Munggenast vernieuwde de torens.
Melk. klooster. 1 Terras; 2 Marmeren zaal; 3 Bibliotheek; 4
Kloosterkerk; 5 Sacristie; 6 Prelatuur; 7 Trappenhuis; 8 Prelatenhof met
fontein; 9 Poort gebouw; 10 Kaiserzimmer; 11 Versterkte toren.
Benedictijnenklooster:
het complex ligt in oost-west richting op een hoge granietrots.
De
kloostergebouwen zijn gegroepeerd rond 7 hoven, waarvan de Prelatenhof
de belangrijkste is. In de meer dan 300 m lange zuid vleugel bevindt
zich de zgn. Kaisergang,
195 m met portretten van de Oostenrijkse keizers. Voorts
zijn bezienswaardig de Kaiserzimmer,
die als museum zijn ingericht. In de Prälatenkapelle,
een intieme, vriendelijke ruimte met fresco's, bevindt zich het
voormalige hoogaltaar met schilderingen; Christus voor Pilatus, Florian
en Paulus, Vlucht naar Egypte, Man van Smarten, Jezus en de
schriftgeleerden, Doornenkroning, Christus aan de geselpaal, Kruisiging.
De Kolomanihof vóór de kerk, wordt in het noorden afgesloten door
de bibliotheekzaal, in het zuiden door de Marmorsaal. De
barokke bibliotheekzaal met
fresco's is een der vermaardste ter
wereld. De bibliotheek bevat 70000 banden en 2000 handschriften en
incunabelen, waaronder het zgn. Melker Marienlied,
12de eeuw. Er tegenover ligt
de Marmorsaal; hoge pilasters met atlanten dragen
hier het gebint.
De plafondschilderingen zijn beroemd vanwege de blauwe
tinten.
Het fresco is geheel afgestemd op het licht dat door vensters
aan drie zijden van de ruimte naar binnen valt. De Prälatenhof wordt
beheerst door de koepel van de kerk die op een hoge tamboer rust en
bekroond wordt door een lantaarn, die het koepel silhouet herhaalt. De
cour zelf is een schitterend geheel van gebouwen, waarvan de muren
versierd zijn met beelden die de kardinale deugden en de profeten
voorstellen. In het midden een 17de-eeuwse bron. Links de toegang tot
het trappenhuis, rijk gedecoreerd met putti en stenen sculpturen,
en twee beelden in het poortgebouw, voorstellend de
heiligen Koloman en Leopold.
Kloosterkerk van de heiligen Petrus en Paulus:
een der fraaiste voorbeelden van hoogbarok. Gewelfde westfaçade, het
vooruitspringende middengedeelte wordt bekroond door de figuur van
Christus Salvator , geflankeerd door deemoedige engelen. De beide torens
hebben tere, barokke helmen. Uniek is het interieur, niet in het minst
door de zeer harmonieuze kleurstelling. De plafondfresco's
stellen voor de Triomferende Kerk en de Heilige
Drievuldigheid. De koepel bereikt een hoogte van 64 m en geeft een blik
in de hemel, waarin musicerende engelen zweven.
In het tongewelf een
verheerlijking van de heilige Benedictus.
In de zijkapellen ziet
u schilderingen. In het linker dwarsschip het altaar van
de heilige Koloman, in het rechter de heilige Benedictus. Opvallend zijn
de geraffineerde lichteffecten, waarbij koepel en hoogaltaar als
lichtzones fungeren. De diepe kapellen staan met elkaar in verbinding.
Boven de arcaden gewelfde galerijen. Aan de evangeliezijde, aan de
kruisingpijler, de bijna klein aandoende kansel. Marmeren altaar: een
bijzonder elegant geheel. De inrichting van de sacristie doet niet onder
voor die van de kerk.
De drie pronkstukken van het klooster
zijn:
het Melker Kreuz,
een processiekruis, bestemd om het stukje van
het H. Kruishout in rond te dragen en vervaardigd in 1362 met een
later aangebrachte voet, verguld zilver, met edelstenen,
parels en een Romeinse camee. Het kruis is gemaakt door een Weense
edelsmid.
De tweede kostbaarheid is het
draagaltaartje.
Het is het oudste stuk waarvan vaststaat dat het uit Babenbergs bezit stamt.
Als derde pronkstuk geldt een reliekhouder
in de
vorm van een vrouwenkop met kroon uit de 13de eeuw. Een in de vormgeving
nog wat onbeholpen werk.
Belangrijk zijn verder
de schilderijengalerij en
de rijke kloosterschat.
** Uw accommodatie in geheel Oostenrijk
kunt U goed boeken via
Hotels/Appartementen/Oostenrijk
**
Via
Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een
accommodatie in 110 landen.
** Algemene info over
Oostenrijk
▲ |