GRAZ - 8010-8054 - Stiermarken, met Domkirche zum hl. Agydius, Mausoleum en Stadtpfarrkirche zum hl. Blut, naar kaart Oostenrijk, naar stedenlijst Oostenrijk.

    
Graz, de hoofdstad van de deelstaat Stiermarken,
is de op
n na grootste stad van Oostenrijk. Graz werd in de 12de eeuw gesticht aan de overgang van de oude handelsweg Bruck-Leibnitz, Flavia Solva, over de Mur. Uit de naam, waarin men het Slavische woord 'gradec',  fort, terugvindt, blijkt dat het gebied van de huidige Schlossberg aan de linkeroever van de rivier reeds eerder bewoond moet zijn geweest. Hoe dit zij, in de oorkonden komt Graz voor het eerst in 1128 voor. In 1189 werd Graz tot stad verheven en midden 13de eeuw werd het ommuurd. In de volgende eeuwen resulteerden historische gebeurtenissen in de opbloei van de stad.
Pas sedert de tweede helft van de 18de eeuw
,
opheffing van de jezu
etenorde, omvorming van de universiteit tot lyceum, is er sprake van een vermindering van de politieke en culturele betekenis van Graz ten gunste van Wenen. In ieder geval kwam de stad in de eerste helft van de 19de eeuw tot een nieuwe bloei, waarmee de naam van aartshertog Johann ten nauwste verbonden is. Aan deze populaire vorst, die een morganatisch huwelijk had gesloten en Graz als woonplaats had gekozen, dankt de stad o.a. de stichting van het Joanneum. Hoewel de stad in de 20ste eeuw ietwat uit de belangstelling is geraakt, is de creativiteit van haar inwoners ongebroken. 'Forum Stadtpark' en 'Grazer Gruppe' zijn begrippen die tot ver over de grenzen van Oostenrijk bekend zijn geworden.

S
tadsbeeld
Aan het begin van de stadsgeschiedenis staat de 122 m hoge Schlossberg, de 'natuurlijke' vesting van de stad. Aan de voet van de beschutting biedende berg bevinden zich langs de zuidoostflank de oudste delen van de nederzetting
, oudste huis: Reinerhof. In de volgende eeuwen werd de stad waaiervormig uitgebreid. In recenter tijd werden vroegere voorsteden bij de stad getrokken, Murvorstadt. Het huidige centrum is de driehoekige Hauptplatz. Hoog erboven, tegen de zuidelijke helling van de Schlossberg, staat de 28 m hoge Uhrturm, die het stadssymbool is. Deze in 1561 gebouwde toren is een van de weinige overblijfselen van het machtige vestingcomplex dat in 1809 werd opgeblazen. Vermelding verdient ook de in 1588 gebouwde Glockenturm.

D
omkirche zum hl. Agydius, Hofgasse
Werd in 1174 voor het eerst vermeld. Oorspronkelijk als versterkte kerk vr de stadsmuur gebouwd. Tot 1573 stadsparochiekerk, sinds 1786 domkerk. Het huidige, laatgotische bouwwerk werd tussen 1438 en 1462 opgetrokken. Alleen de kapellen, de sacristie en de dakruiter zijn barokke toevoegingen. Het exterieur is opvallend eenvoudig. Boven het westportaal wapen en devies van keizer Frederik III: Aeiou, Austria erit in orbe ultima = Oostenrijk zal tot het einde van de wereld bestaan.
Aan de zuidzijde resten van het La
ndplagenbild,
waarop de drie godsplagen die Stiermarken in 1480 teisterden zijn uitgebeeld: sprinkhanen, oorlog (Turken) en pest, benevens het oudste stadsgezicht van Graz. In het interieur treft de sterke contrastwerking tussen het relatief brede en wat logge hoofdschip en het hoog opgaande, diepe, maar smalle koor. Schip en koor worden verbonden door een hoge, portaalachtige spitsboog: mede door de lichtwerking - het koor is lichter dan het schip ontstaat de indruk van een hemelpoort. Ook de ornamentatie wordt omhooggevoerd in de richting van het koor, bijv. naar het rijke netgewelf. Anderzijds trekt het schip ook door de ongewone afmetingen - een bijna vierkante plattegrond - de aandacht. Van de oorspronkelijk gotische inrichting is weinig bewaard, o.a. een Kruisigi
ng aan de rechtermuur, de originele gewelfbeschilderingen, die pas in 1931 zijn blootgelegd, en, uit dezelfde tijd, gedeelten van voorstellingen van Christoffel, boven de vroegere zijingangen.
Het is echter de onder de jezu
eten tot stand gekomen barokke inrichting
die bepalend is voor de huidige totaalindruk: het ontwerp voor het monumentale hoogaltaar stamt van de jezu
etenfrater G. Kraxner. De in twee verdiepingen omhoogstrevende opbouw onderstreept de verticale ruimtewerking van het koor. De altaarschildering stelt het 'wonder' van de heilige Egidius voor. Verder zijn er uitstekende plastieken. Van opmerkelijke kwaliteit zijn ook de altaren in de zijschepen, in het bijzonder de altaren ter weerszijden van de triomfboog: het Ig
natiusaltaar in het zuidelijk,

Graz. Domkirche 1 Barbarakapel; 2 Sacristie; 3 Grafmonument van Cobenzl; 4 Reliekschrijnen; 5 Kapel van Franciscus Xaverius; 6 Kapel van Rochus en Sebastiaan; 7 Kapel van de moeder Gods van Zeven Smarten; 8 Heilig-Kruiskapel

het sacramentsaltaar in het noordelijk zijschip. De symmetrisch opgebouwde altaren dateren uit de tijd tussen 1766 en 1769 en zijn vooral van belang om hun schilderingen en plastieken: de schilderijen zijn van de manirist de Pomis, de bouwmeester van het mausoleum, de sculpturen van Kniger.
Ook de vier kapellen zijn de moeite waard,
in het bijzonder om hun voor Stiermarken karakteristieke, met de hand gesmede hekwerken. Fraaie kleine altaren bevinden zich bij de voorste pijlers.
Tot de opmerkelijke stukken in de kerk behoren twee reliekschrijnen, d
ie eens als bruidskisten dienden voor hertogin Paola Gonzaga van Mantua, toen zij in 1477 naar Graz kwam om er te trouwen. Elke schrijn is gesierd met drie ivoren reli
fs: op de ene de triomf van de Liefde, de Onschuld en de Dood, op de andere de triomf van de Roem, de Tijd en de Eeuwigheid. Voorts is er een votiefbeeld van aartshertog Karel met zijn familie in het koor, en er zijn fraaie grafmonumenten en epitafen in het schip.   

Mausoleum
Het mausoleum van keizer Ferdinand
II bevindt zich ten zuiden van de dom, op de plaats van de oorspronkelijke Katharinenkapelle. Met de bouw werd in 1614 begonnen, naar plannen van de Pomis. Vanaf 1633 nam Peter Valnegro de leiding over. Het bouwwerk kan worden beschouwd als een van de belangrijkste voortbrengselen van maniristische architectuur ten noorden van de Alpen. Vooral de faade geeft een goede indruk van de karakteristieken van deze stijlperiode tussen renaissance en barok. De architectonische indeling is sterk genspireerd door de jezuetenkerk Il Gesu in Rome, maar ieder afzonderlijk motief toont duidelijk maniristische trekken. Het portaal speelt een overheersende rol in het totaal van de faade, de horizontale lijnen worden onderbroken door verticale vormen, ritmische segmentbogen groeien uit tot een zware, overheersende bekroning, bescheiden beelden in nissen vallen in het niet bij de enorme beelden bovenop. Niet minder ongebruikelijk zijn de vormgeving en de plaatsing van de drie verschillende koepels. Ze herinneren aan Venetiaanse voorbeelden, maar ook hier doen asymmetrie en onorthodoxe aanpak opgeld, in het bijzonder bij de extreem slanke koepel boven de campanile.
Het grondplan van het interieur is een Latijns kruis
met kruisingskoepel, waarop aan de zuidelijke arm de grafkapel, met elliptische plattegrond, aansluit. De aankleding van het interieur, met stucwerkdecoraties naar ontwerpen van Fischer von Erlach, stamt uit de
jaren 1687-1699. Evenals in het mausoleum in Ehrenhausen wordt door het rijke stucwerk in de bovenste zones de blik omhooggetrokken: adelaars, atlanten en stoeten levendige putti zijn de voornaamste plastische elementen. Franz Steinpichler maakte de plafondschilderingen. Het stucwerk in de grafkerk is ook gemaakt naar een ontwerp van Fischer von Erlach. Het ontwerp van het hoogaltaar (1695-1697) is eveneens van hem. Zonder twijfel heeft het altaar van Bernini in de St.-Pieter in Rome hiervoor model gestaan.

Stadtpfarrkirche zum hl. Blut
, Herrengasse
Deze kerk is, evenals de dom, gesticht door keizer Frederik I
II. Van de in 1440 hier gebouwde Leichnam-Christi-Kapelle zijn echter alleen nog drie traveen in het zuidelijk zijschip over. De huidige gotische hallenkerk is te danken aan de dominicanen, die zich duidelijk lieten inspireren door de dom, breed, driebeukig schip, smal, hoog koor. In ca. 1741 kreeg de kerk een barokke faade, in 1780/1781 een toren aan de gevel. Nadat zij in 1586 parochiekerk was geworden, begon men met de verfraaiing van het interieur.
Het belangrijkste kunstwerk in de kerk is een schilderij van Tintoretto,
dat hier sedert 1594 hangt, eerst aan het hoogaltaar, vanaf 1948 aan het Joh.-Nepomuk-altaar. Laat19de-eeuwse veranderingen in neogotische trant hebben, meer nog dan de oorlogsschade, de barokke conceptie van 1730 verstoord. Bezienswaardig is nog de grafsteen van Joh. Bapt. Erlacher (gest. in 1649). Uit het tweede huwelijk van zijn weduwe met beeldhouwer Joh. Bapt. Fischer werd de beroemde architect J. B. Fischer von Erlach geboren. De glasramen in het koor
, 1953, zijn van A. Birkle.


 
Leechkirche
, Zinzendorfgasse 5
Dit oudste bouwwerk van de stad werd van 1275-1293 door de Duitse Orde in gotische stijl opgetrokken op de plaats van een vroegere aan de heilige Kunigunde gewijde kerk. De torens aan de westzijde zijn uit de tijd v
r 1500. De architectuur van de kerk, met de hoge ramen met maaswerk en steunberen rondom, toont duidelijk verwantschap met die van de gotische kathedralen in Frankrijk. Opmerkelijk is het vroeggotische portaal, met in het timpaan een Moeder Gods met Kind uit het laatste kwart van de 13de eeuw. Dit beeld, waarvan de plooi val op laatromaanse invloeden wijst, is een van de meest representatieve specimina van vroeggotische sculptuur in Oostenrijk. De achtergrond in alfrescotechniek stamt uit de late gotiek.
Het hoge, eenschepige interieur, met kruisribgewelven en muraalzuilen,
is van een grote sierlijkheid, die aan Franse voorbeelden doet denken. De gebrandschilderde ramen van het koor zijn de oudst bewaarde in Graz
, passiecyclus, met daarboven de evangelisten. Zij werden grotendeels tussen 1335 en 1337 vervaardigd. Rechtsonder: een ruit gewijd aan de stichter Merl Hulber, 1502-1505. Het hoogaltaar herbergt een Mariabeeld uit het eind van de l5de eeuw. Links daarvan de sacramentsnis, met rijk smeedwerk afgesloten. Aan het bijzondere karakter van de kerk herinneren de twaalf Aufschlwurschilder met de wapens van de ridders van de Duitse Orde, evenals talrijke grafstenen.
 
Franciscanenkerk en klooster Mari
Hemelvaart
voormalig minderbroederklooster, sedert 1515 eigendom der franciscanen. De markante westelijke toren werd gebouwd van 1636-1643, tegelijk met de versterking van de brug over de Mur. De merkwaardige stand van de kerk is veroorzaakt doordat zij in de stadsmuur is opgenomen, ofwel door de loop van een vroegere zijarm van de Mur. In de huidige bouw onderscheidt men duidelijk twee gedeelten: het voor bedelorden karakteristieke lange koor, met vier traveen en kruisribgewelf, is omstreeks het midden van de 14de eeuw gebouwd, het laatgotische schip, verdeeld in drie beuken, vier traveen; netgewelf, stamt uit de periode dat de franciscanen de kerk in bezit kregen, ca. 1520.
De barokke inrichting van de kerk is door de 19de-eeuwse
neogotische renovaties grotendeels verdwenen. Gespaard bleef alleen de Antoniuskapel met een barok hekwerk ervoor. Op het altaar een mooie piet
. Een paar moderne kunstwerken, kansel, hoogaltaar, kunnen het verlies van de vroegere inrichting niet goedmaken. Door een zijdeur in het rechterzij schip bereikt men de gotische kruisgang met mooie grafmonumenten. Daarnaast ligt de Jacobskapel, 1320-1330. Hierin bevonden zich o.a. de grafsteen van Christoff von Windischgrtz en een beeld van de heilige Antonius.
In het klooster worden resten
van de vroegere kerkinrichting bewaard, o.a. werken van Schoy, H. A. Weissenkirchner en F. J. FIurer.
 
Maria-Hilf-Kirche en Minderbroedersklooster
De door twee torens geflankeerde fa
ade van de kerk is de architectonische blikvanger op de rechteroever van de Mur. Het oudere middengedeelte van de faade, tussen de torens, stamt van G. P. de Pomis en is genspireerd, zuilen, driehoekige gevel, op Palladio's San Giorgio, Veneti. Het was Pomis die tussen 1607 en 1611 het door de Eggenbergs gestichte kerk- en kloostercomplex bouwde. Minder imposant is het herhaaldelijk gerenoveerde interieur, breed middenschip met tongewelf, lagere, smallere zijschepen met kruisgewelven.
Aan het laatbarokke hoogaltaar de miraculeuze schildering Maria-HiI
f van Pomis,
die ook schilder was
, uit 1611, een voorstelling die met tal van legenden omgeven is. De rijke zilveren omlijsting en de engelen zijn van P. J. Straub, die ook de geveIbekroning, Michalsgroep, schiep. Het tabernakel is van Anton Rmer. Aan het rechterzij altaar St.Michal als patroon van de stervenden. Ook in het rechterzijschip is een kapel gebouwd, waarin de barokke sarcofagen der Eggenbergs. De sacristie heeft stucwerk van Androy. Aan de voorste pijler links een gedenkplaat voor Pomis. Het kloostergebouw omsluit een schilderachtige binnenhof. In de westvleugel is een schatkamerkapel met fresco's. Voorts het zomerrefectorium met fresco's van A. Maderni (eind 17de eeuw) en een schilderij van J. B. Raunacher (1732).

Klosterkirche en Spital der Barmherzigen Br
der, Annenstrasse 2
De fa
ade van de tussen 1735 en 1740 door J. G. Stengg gebouwde kerk wordt bekroond door een elegante dakruiter. In het eenschepige, ruime interieur vallen vooral de sierlijk gebogen galerijen boven de kapellen op. In de zijkapellen fresco's van Joh. Mayer. Aan het hoogaltaar een Annunciatie van de Napolitaan Corrado Giaquinto en sculpturen van Schokotnigg. Aan het rechterzij altaar een crucifix van de Neurenberger G. Schweigger.

B
rgerspitalskirche zum hl. Geist, Dominikanerg. 8
Een van oorsprong 13de-eeuwse instelling. De huidige kerk, een der indrukwekkendste gotische kerkelijke bouwwerken van Graz, werd opgetrokken tussen 1461 en 1493, onder keizer Frederik III. Alleen de toren en de sacristie stammen uit de 17de eeuw. Bijzonder vermeldenswaard is de piet in een nis aan de buitenzijde. In het interieur, aan het hoogaltaar, Pinksterscnes en verscheidene sculpturen, o.a. een laatgotische Madonna met Kind, met Visioen van de heilige Bernardus en een vermoedelijk door P. J. Straub vervaardigde Magdalena.
 
Pfarrkirche Sr.-Andr

In de onmiddellijke omgeving van de B
rgerspitalskircl1e bevindt zich de al in 1270 in oorkonden vermelde kerk Sr.-Andr met het voormalige dominicanenklooster. In zijn huidige vorm stamt het gebouw van Archangelo Carlone, 1616-1627. Het heeft laatgotische kenmerken: drieschepige ruimte met smalle 'porta coelis', hemelpoort, naar het voorbeeld van de dom. De faade werd in de late 19de eeuw veranderd. In het interieur: hoogaltaarschildering, Martelaarschap van de heilige Andreas, aan de westwand van het priesterkoor een olieverfschilderij De heilige Magdalena door J. C. Hackhofer, in het linkerzijschip een Madonna met Kind en een Heilige Anna van H. A. Weissenkirchner, 1646-1695, en links van de hoofdingang een sculptuur voorstellend de zittende heilige Andreas, gotisch, ca. 1480.
 
Pleinen
Behalve de Haup
tplatz verdienen in het bijzonder de volgende pleinen vermelding: Franziskanerplatz, S
drirolerplatz, met fraaie barokke gevels, Jakominiplatz en Am Eisernen Tor, met 'Trkensule'), alsmede de zeer harmonische Freiheilsplatz in het noorden. Van hieruit bereikt men via de Karmeliterplatz de Paulustorgasse met de enig bewaard gebleven poort van de renaissancevesting.  

Omgeving.
Sch
loss Eggellberg:
indrukwekkend barok kasteel, 3 km ten westen van Graz
. Het bouwwerk was al in 1635 ruwweg gereed, drie binnenhoven, vier hoek torens met lantaarns. Op het snijpunt van de binnenhoven de hoofdtoren met barokke helm. De drie verdiepingen hoge gevel wordt alleen door een portaal in het midden onderbroken, met aantal architectonische elementen lijkt niet toevallig gekozen: 4 torens, 365 ramen, 52 vensters in de staatsievertrekken, enz.
D
e parterre
herbergt een verzameling prehistorische en vroeghistorische vondsten, o.a. de beroemde Stre
ttweger Kultwagen, 7de eeuw v.G.. Op de eerste verdieping bevindt zich het Jachtmuseum van Stiermarken. Op de tweede verdieping liggen 2 x 12 staatsievertrekken, waarvan de aankleding uit twee onderscheiden perioden stamt: stucwerk en beschildering van die vertrekken en de aankleding van de Prunksaal ontstonden eind 17de eeuw, de inrichting in rococostijl is uit de 18de eeuw. De feestzaal, of Planetensaal, is een zeer bijzonder produkt van de barokkunst: muren en plafonds met schilderingen, voorstellend de tekens van de dierenriem en het planetenstelsel. In het midden 'Helios', = keizer Leopold I, en de adelaar van het Huis Eggenberg die hem tegemoet vliegt.
Bedevaartkerk Maria Trost
,
ten noordoosten van de binnenstad: markante westfaade met twee torens. Uitbreiding van de oorspronkelijk kleine kapel was nodig geworden door de massale verering van de miraculeuze voorstelling, een laatgotische madonna. De kerk heeft een breed schip met dwarsschip en een kruisingskoepel met lantaarn en perspectivische beschildering van het interieur.

 
** Uw accommodatie in geheel Oostenrijk kunt U goed boeken via Hotels/Appartementen/Oostenrijk     
 ** Via Hotels/Appartementen/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een accommodatie in 110 landen.
 ** Algemene info over Oostenrijk
 ** Naar richtlijnen en afspraken voor auto-, camper- en caravanrijders.