KUNST VAN DE "BARBAREN", vooral van kleine verplaatsbare voorwerpen.
Naar overzicht kunsthistorie.  Naar uw accommodatie!

    

Het kerngebied van de kunst verschuift naar het Westen
De kunstontwikkeling van de oudheid moet men bestuderen in de streken om de Middellandse Zee : het Tweestromenland, Egypte, Klein-Azi?, Griekenland, Itali?. Sinds de hellenistische periode vertoont de kunst van het Middellandse Zeebekken een zekere eenheid. Ondanks lokale verschillen overheerst op het einde van de oudheid een kunst die in de laatgriekse kunst wortelde, waaraan Rome eigen kenmerken had toegevoegd en waarop ook het Oosten zijn stempel had gedrukt. In Oost-Europa groeit hieruit de byzantijnse kunst. In het Westen schakelt de Germaanse inwijking de klassieke invloed voor enkele eeuwen uit. In het Westen, meer bepaald in de streek tussen Rijn en Loire, waar een jong geslacht in contact is gekomen met een oude cultuur, wordt een nieuwe kunst geboren.

'Barbaarse' sierkunst
  
In de oudheid is de bouwkunst het hoofdelement: Egyptische piramiden, Kretenzische paleizen, Griekse tempels, Romeinse aquaducten en amfitheaters. De Germaanse volkeren leven tot na de grote volksverhuizingen als nomaden en nooit bewonen meerdere generaties eenzelfde streek. Zij hebben vooral kleine, verplaatsbare voorwerpen nodig. De 'barbaarse' kunst is vooral een kunst van het sieraad : spangen en spelden voor de kleding, halskettingen en oorhangers, beslag voor wapens en paardentuig. Aan de versiering en de verwerking van zilver en edelstenen was een symbolische betekenis of magische kracht verbonden.

De 'Noordse' kunstopvatting spreekt meer de geest aan, dan de zintuigen
Het meer primitieve in deze 'barbaarse' kunst betekent slechts achteruitgang wanneer men de klassieke kunstopvatting als het kunstideaal beschouwt. Aan de grondslag van de Germaanse kunst ligt een totaal anders gericht kunstgevoel. De klassieke kunst van de oudheid streeft naar natuurgetrouwe afbeelding. De 'Noordse' kunst schept een eigen beeldenwereld, waarbij de natuurvormen sterk vereenvoudigd en gestileerd worden.
De 'Noordse' kunst is vooral lineair, waarbij scherpe omtreklijnen de vormen duidelijk aftekenen. Groot belang heeft de symbolische betekenis van wat wordt afgebeeld. Naar de inhoud spreekt de Germaanse kunst meer tot de geest dan tot de zintuigen. Deze in hoofdzaak geestelijke instelling verklaart het ontstaan, na de kerstening van de Germaanse stammen, van een nieuwe christelijke kunst in het Westen.

De 'Noordse' kunst v??r de grote volksverhuizing
  
In het begin van onze tijdrekening zijn ten noorden van het Middellandse Zeegebied twee hoofdgroepen te onderscheiden : de Keltische en de Scytische kunst. In de Keltische kunst van West- en Midden-Europa speelt een fris en levendig ornament de hoofdrol. Onder invloed van het klassieke zuiden wordt ook de mens uitgebeeld met steeds sterk vereenvoudigde frontaal weergegeven figuren. De z.g. Scytische kunst bloeit in Zuid-Rusland, vooral in de kuststreken van de Zwarte Zee, het doortochtgebied van de uit de Middenaziatische steppegebieden komende nomadenvolkeren, die daar in aanraking komen met uitlopers van de Griekse kunst en ook in verbinding staan met Voor-Azi?, Iran en Indi?, en zelfs met China. In hout of bot worden vooral dierfiguren gesneden, met beklemtoning van de karakteristieke lichaamsdelen van ieder dier. Juist zoals in een karikatuur, wordt door de vereenvoudiging de diervorm veel levendiger. Diergevechten en diergroepen worden ge?nspireerd door de Iraanse kunst. In- gewerkte bloedrode, in boonvorm geslepen almandijnstenen komen uit Indi?.

Bontkleurige stijl, ca. 350-600
  
De Goten, die in het Scytische kunstgebied hadden gewoond, brengen deze stijl naar het Westen. Hun edelsmeedwerk bestaat uit cloisonn?-techniek : het te versieren vlak in goudblik wordt door rechtstaande staafjes in verscheidene vakjes ingedeeld ; de hierdoor ontstane 'diepten' worden opgevuld door grote en kleine, van boven bol geslepen edelstenen van allerlei kleur ; ofwel wordt er rood, groen of blauw glaspoeder door verhitting aangekit, cellensmeltwerk, zodat een bonte vlakverdeling ontstaat, meestal nog verrijkt door opgelegde snoeren van goudfiligraan.
De Germaanse stammen in het Westen nemen deze techniek over :
  
adelaarspangen, kleinere vogelspangen, cicadenspangen in krekelvorm en schijfvormige borstspelden, waarin soms een kruis is afgelijnd.
Veel minder natuurgetrouw dan de oudere Scytische kunst, werd hier alleen een siereffect beoogd. De voorstelling wordt symbool en is nog slechts een teken. Het is een kunst die openstaat voor de symboliek van het christendom.

Bandvlechtwerk en abstracte dierornamentiek, ca. 550-800
  
Omstreeks 550 zullen de af en toe door de Germanen uit de Romeinse kunst overgenomen ornamentmotieven, zoals ranken en meanders, verdwijnen en vervangen worden door vlakversiering van ineengestrengeld vlechtwerk. Sedert het einde van de 6e eeuw groeien uit dit vlechtwerk ook dierkoppen en later dierfiguren, die echter zuiver als ornament worden uitgewerkt en niet als een diervoorstelling bedoeld zijn. Deze stijl is een eigen schepping van de Germaanse kunst en dit vlechtwerkornament vindt men zowel in de Angelsaksische en Scandinavische kunst als op het vasteland.
In de 7e eeuw komt af en toe ook een menselijke afbeelding voor,
  
 meestal wel in verband met het door de Germanen aangenomen christendom. In het midden van de opengewerkte schijf uit Linon, ca. 650, d?p. Puy-de-D?me, Frankrijk, is het H. Aanschijn in enkele trekken aangeduid, getekend binnen een vlakke cirkel, met star kijkende ogen en doorlopende lijn voor neus en wenkbrauwen, juist zoals een kind een Christuskop zou tekenen. Voor het kind en voor de Germaanse kunstenaar betekent deze gestileerde, ernstige gebaarde kop de Godmens, waarover hun geleerd werd. Op de vele Frankische en Alamannische opengewerkte bronzen ruiterblakertjes uit de 7e eeuw wordt een lansdragende Wodan te paard, schematisch voorgesteld en omschreven binnen de omsluitende cirkel. Dezelfde voorstelling heeft het ondiep gesneden reli?f uit Hornhausen, ca. 700, Landesmuseum, Halle a/Saale.



De Ierse kunst, ca. 650-800
  
Ook de laatkeltische kunst van Ierland met zwellende en golvende ornamenten, o.m. spiraal, ondergaat de invloed van het Germaanse dierornament- en- vlechtwerk. In de handschriften met miniaturen, waarvan het Book of Durrow, ca. 600, het Book of Kells, ca. 650, Trinity College, Dublin,  en het Lindisfarne-evangelie, ca. 700, British Museum, Londen, de meest bekende zijn, worden het rood, blauw, groen en geel steeds vlak opgezet, verlevendigd door ingewikkelde dooreengevlochten banden, die de initiaalletters vormen en waarin de letters van het eerste woord gestrengeld zijn het is minder een geschreven woord dan een teken van dat woord.
Ook de menselijke gestalte komt in deze handschriften voor,
  
steeds vlak gezien zonder enige ruimtewerking. Ledematen en kleding worden weergegeven als vlechtwerkversiering. De grote ogen staren op het eeuwige. Hier geen afbeelding van de tastbare en veranderende werkelijkheid, maar uitdrukking van het mysterie van de onveranderende eeuwigheid. Aan de uitbeelding is nog een magische kracht verbonden
Door de Ierse missionering dringt de Ierse kunst ook door op het vasteland en worden de motieven uit de miniaturen ook op edelsmeedwerk overgenomen zoals b.v. op de Tassilokelk uit 777 van Kremsm?nster.
Internet: Book of Kells

De late Vikingkunst, ca. 800-1000
  
In Scandinavi? zal de Germaanse kunst zich in deze richting verder ontwikkelen. In de nog overwegend door ornament versierde vlakvullingen worden de diervormen minder geabstraheerd maar blijven onderworpen aan de begrenzing van vlak en omlijsting.
Op de vierwielige wagen, opgeborgen in het z.g. Osebergschip, tussen 800 en 850, Noors Openluchtmuseum, Bygdo bij Oslo, vertonen de lange wagenzijden vlechtwerk met enkele fantastische dieren in vlakreli?f uitgestoken. Een samengevlochten kluwen van dieren- en mensenfiguren (een man die met slangen vecht, monsters en dieren die mekaar in de staart bijten) werd op de korte zijden uitgesneden.
Dit zeer uitgediepte levendige houtsnijwerk, met zijn tegenstellingen tussen licht en donker, komt later eveneens voor aan de gesneden portaalkozijnen van de Scandinavische houten kerken, stavkirke, uit de 11e en 12e eeuw.

Hieronder treft u een selectie links aan uit de site van Christopher Witcombe:  
Basis bron: Het boek "Kunst van Altamira tot heden", F. Adriaens c.s.. A'dam.

Gold of the Nomads, an Athena Review report by Michele A. Miller of the exhibition at the Brooklyn Museum of Art
La T?ne-Kultur, in German
Hallstattkultur, in German
La T?ne, in French
Celtic Inscribed Stones, with a few images from recent fieldwork in Brittany and Munster
The Celtic Coin Index
Celtic Improvisations, an art historical analysis of Coriosolite coins John Hooker  
IRON-AGE EUROPE
Vikings in the Ancient History section of the BBC's History site, including links to
How Do We Know about the Vikings?   -  Viking Weapons and Warfare  -  Viking Money   -  Viking Women   -  The Cuerdale Hoard
Vikings: The North Atlantic Saga , through the Smithsonian National Museum of Natural History, Washington, DC, with a link to Exhibit Highlights

** Via Hotels/Booking/Wereldwijd kunt u goed uw accommodatie vinden in 190 landen. Laagste prijsgarantie, maximale keuze, tevreden gasten, onpartijdige hotelbeoordelingen, boeken in uw taal is mogelijk!

** Booking is meer dan alleen hotels: zie eens ”Alle accommodatietypes”! 
** U vindt er o.a.:
    Appartementen - Resorts  - Villa's  - Hostels  - Accommodaties met onsen - Bed & Breakfasts  - Pensions  - Motels  - Ryokans  -  Vakantieboerderijen  - Vakantieparken  - Campings  -  Botels  - Herbergen  -  Aparthotels  -  Vakantiehuizen  -  Lodges  - Accommodaties bij particulieren  -  Landhuizen  -  Luxe tenten  - Capsulehotels  -  Lovehotels  - Riads  - Luxe Chalets