EXPRESSIONISME, kunstenaar geeft zijn persoonlijke beleving weer - Is de kunst van het spontane - Bewerkingen zijn grof en beweeglijk - Felle kleuren - Duidelijke vormen, geen details - Vooral van 1905 - 1920.
Naar overzicht kunsthistorie.  Naar uw accommodatie! 

    

Expressionisme, v. Lat. expressio = uitdrukking,
is in het algemeen de benaming voor iedere kunstrichting waarbij de aandacht van de maker volledig is geconcentreerd op het bereiken van een zo sterk mogelijke zeggingskracht. De subjectieve emotie wordt spontaan en zonder omwegen tot uitdrukking gebracht.

Kenmerken
   
*
De kunstenaar geeft zijn persoonlijke beleving weer, zijn emotionele zeggingskracht.
* Is de kunst van het spontane.  
* Bewerkingen zijn grof en beweeglijk.
* Felle kleuren.
* Duidelijke vormen, geen details.
* Vooral van 1905 - 1920, maar blijft levend tot in onze dagen.

Vincent van Gogh  
  
kondigt in zijn werk de boodschap van de expressionisten aan, eveneens Gauguin en Cézanne. In hun schilderijen zijn aanlopen te bespeuren van wat later zo typerend is voor het expressionisme: niet de zintuiglijk waarneembare werkelijkheid, maar de innerlijke expressie is hier van belang. De kleuren hebben een geheel eigen waarde, ze drukken meer uit dan de zichtbare kleur van het voorwerp. Een blauw paard drukt meer uit dan een naturalistisch geschilderd paard!

SCHILDERKUNST
 
  
Die Br
ücke
In Duitsland bevrijdt Die Br
ücke de kunst uit het academisme. Deze groep wordt opgericht in 1905 door vier studenten architecten te Dresden: Ernst Ludwig Kirchner, 1880-1938, Fritz Bleyl, l880-1966,, Erich Heckel, 1883-1970 en Karl Schmidt-Rottluf, 1884-1976. Uit geestdrift voor de nieuwe schilderkunst verlaten zij de architectuur en willen een brug (Br?cke) slaan naar alle nieuwe expressies. Zoals de fauven doen zij de zuivere kleuren openspatten, maar in een agressief en hoekig grafisme verhogen zij er de onrust van. Zij plaatsen zich onder het patronaat van Van Gogh, Munch en de exotische kunsten. Tegenover de structuur en de decoratieve lijn van het Franse fauvisme, stellen zij de emotie van een subjectief dramatische vorm. Be?nvloed door de Japanse houtsneden kennen zij de heropleving van houtsnede en steendruk. De natuur en het leven zijn de inspiratiebron. Hun bevrijding vormt de eerste schakel met het expressionisme. Emile-Nolde, 1867-1956, Gelehrte mit Madchen, um 1919 en Max-Pechstein, 1881-1955, Het gele masker, 1910, St?dtische Kunsthalle. Recklinghausen, sluiten zich een tijd bij hen aan.

Verdere ontwikkeling in Duitsland
   
De tentoonstellingen van de Sezessionen te Berlijn, M?nchen en Wenen zijn de tegenhangers van de Parijse Salon des Refus?s. Ook de expressionisten groeperen zich hierbij.
M
ünchen is in het begin van de 20e eeuw een artistiek centrum, waar de Rus Wassilij Kandinsky, 1866-1944, zich reeds in 1896 in een Jugendstilsfeer vestigt. Hij wordt de spil van de jongerenbeweging, waartoe ook Alexei Jawlenskyl  1864-1942, ( Meditation The Prayer, 1922) behoort. Zij stellen samen tentoon in 1909 en nodigen ook Franse kunstenaars uit: Picasso, Braque, Derain, Rouault, Vlaminck, Van Dongen. Deze jonge Duitse kunstenaars verenigen zich zonder vast programma, alleen om hun krachten te verenigen. In juli 1911 bereiden Marc en Kandinsky een gezamenlijke publicatie voor onder de titel Der Blaue Reiter, die in 1912 uitkomt
De titel werd overgenomen van een werk van Kandinsky.
   
De groep van de Blaue Reiter wordt aangevuld met Die Br?cke van Dresden, de Sezession van Berlijn, enkele Franse kunstenaars en sommige Russen zoals Larionol
, 1881-1964, en Malevitch, 1878-1935. Ook Paul Klee, 1879-1910, voegt zich bij hen. De kunstenaars willen aanknopen n:et de authenticiteit van de volkskunst en de diepere betekenis van vorm en kleur.
 
Wassil Kandinsky, 1866-1944,
   
(Red Spot II, 1921) ook bekend als Vasilij Kandinskij, Vasilii Kandinskii, Vasily Kandinski, 1866-1944, is geboren te Moskou, studeert rechten en wordt daarna een schitterend professor, maar volgt op zijn dertigste jaar zijn roeping tot de kunst en gaat deze te M?nchen studeren. Het doek De hooimijten van Monet, in 1898 tentoongesteld, openbaart hem de mogelijkheid van pure schilderkunst. Hij maakt de hele evolutie door van impressionisme, fauvisme en de Blaue Reiter en gaat in 1910 tot een lyrisch abstracte vorm over. In 1912 publiceert hij zijn boek: Ueber das Geistige in der Kunst. Kandinsky gaat uit van de eenvoudige vaststelling, dat de zichtbare wereld of haar afbeelding het belangrijkste, het zieleleven niet vermogen weer te geven. Zielstoestanden zal hij voortaan uitdrukken door een kleur- en lijnenspel, dat aan alle voorstelling verzaakt. In een eerste meer lyrische periode, leiden fantasie en gevoel zijn penseel: hij wil componeren met kleuren zoals een toondichter met klanken. Hiermee sluit hij eigenlijk aan bij een lange traditie en steunt o.a. op de kleurenleer van Goethe, die reeds bewees, dat kleuren op zichzelf een symbolische uitdrukkingskracht voor gevoelswaarden hebben. Vanaf 1920 echter gaat hij over naar een meer architecturale, gebouwde compositie, zonder nochtans het dramatische of lyrische kleurenspel van zijn vroegere werken helemaal op te geven. In 1922 wordt hij leraar aan het Bauhaus te Weimar.

August Macke, 1887-1914,
   
(
Couple in the Woods, 1912) wordt in zijn werk be?nvloed door Cezanne, fauvisme en kubisme. Hij blijft zich op de natuur inspireren, alhoewel hij in zijn opvattingen de geest van de abstracte kunst benadert. Vorige week heb ik geprobeerd op een paneel kleuren samen te brengen, zonder aan voorwerpen als mensen of bomen te denken, maar zoals bij borduurwerk. Hetgeen muziek zo raadselachtig schoon maakt, werkt ook in de schilderkunst betoverend'.

Franz Marc, 1890-1916,
   
( Cat on a Yellow Cushion, 1912) begint als dierschilder in een naturalistische stijl. Maar stilaan wil hij het diepere, wonderbare leven van de natuur uitbeelden. Hij wil dit bereiken door de houding, de gang en het ritme van de dieren en door hen een kleur toe te voegen die niet hun lokale kleur is, maar een toon in harmonie met de stemming van natuur en compositie.

Paul Klee, 1879- 1940,
   
(Rose Garden, 1920) is tot in 1910 vooral tekenaar en lijnfantasie?n zijn z'n geliefkoosde uitdrukking. Sedert 1912 door innige vriendschap met Kandinsky verbonden, schenkt hij de kleur een voorname plaats. Ook zijn werk geeft zielstoestanden weer. Zijn innerlijke ervaringen en dromen geeft hij niet abstract weer zoals Kandinsky, maar zij blijven gebonden aan allerlei herinneringselementen uit de werkelijkheid, vrij en onafhankelijk gebruikt. Daardoor verenigt zijn werk de vormvrijheid van de abstracte kunst met de werelden van het surrealisme en met de fantasie van de droom, die gaat van de verrukte blijheid van de kinderdroom tot de demonische dreiging van de hallucinatie. Reeds in 1920 wordt hij leraar aan het Bauhaus.
Tijdens de oorlog
, 1914-1918, verblijven meerdere expressionisten als soldaat in ons land. Anderen, zoals Marc en Macke zijn gesneuveld. Omstreeks 1919 tekenen de grote figuren zich duidelijk af.

Ernst Ludwig Kirchner, 1880-1938
   
Medestichter van Die Brücke, is onder invloed van Munch en van de Afrikaanse en Polynesische kunst, tot een intensiefering van vormen en kleuren gekomen. Hij schildert vooral het leven op straat en in mondaine gelegenheden, landschappen en boerentypes.

Emil Nolde, 1867-1956
   
Is van Deens-Friese afkomst. Hij behandelt vooral Bijbelse onderwerpen en maakt maskers en beeldjes. Hij sluit aan bij Die Brücke en ontwikkelt een psychisch geladen, expressieve kunst. In 1913-1914 neemt hij deel aan een etnologische expeditie naar Rusland, China, Japan en Polynesi?. Gedeformeerde vormen en heftige kleuren met intens blauw, oranje en geel typeren zijn doeken en aquarellen. Klik eens op: Nolde-stiftung

Oskar Kokoschka 1886-1980
   
Studeert te Wenen en ondergaat de invloed van de Jugendstil. Hij ontplooit een veelvoudig talent als schilder, graficus, dichter en auteur van toneelstukken. Hij reist doorheen Europa, Noord-Afrika en KleinAzi?, en is een tijdlang professor aan de Academie te Praag. Hij is vooral bekend om zijn portretten, waarvan de kritiek erkent dat hij de zielen der mensen als r?ntgenstralen doorschouwt. Vooral psychologische problemen boeien hem. Zie: Fine Arts Museums of San Francisco.



De Nieuwe Zakelijkheid of Neue Sachlichkeit
   
Is een uitloper van het expressionisme na de oorlog, omstreeks 1920, en onderscheidt zich door een scherp realisme en een heftig sociaal engagement, met Otto Dix 1891-1969, Fine Arts Museums of San Francisco  -  George Grosz 1893-1959, zie Fine Arts Museums of San Francisco en Max Beckmann, 1884-1950, als voornaamste vertegenwoordigers.

Expressionisme in Frankrijk
   
Georges Rouault
 1871-1958
Ontwikkelt een zeer expressieve stijl. Is eerst leerling glasschilder en wordt vervolgens leerling van Gustave Moreau. Hij is veelzijdig: zowel schilder, etser, houtsnijder, ontwerper van keramiek en glasramen. Zijn kunst doet trouwens aan glasschildering denken: diepe, intense kleuren en zware omrandingen. Zijn geliefde thema's zijn clowns, rechters en religieuze onderwerpen. Belangrijk is ook zijn prentenreeks Miserere en zijn glas-in-loodramen te Assy. Veel werken ziet u in: Museum of Modern Art, New York City

Marc Chagall, 1887-1985
   
Deze zoon van een arm werkman uit Vitebsk leert te Sint-Petersburg de nieuwste Franse experimenten kennen. Hij leert vlug de expressieve waarde van de kleur op zichzelf gebruiken en de magische kracht der vormen in eigen opbouw binnen het doek. Chagall wil het eigenlijke leven, het onzichtbare uitbeelden: leven en dood, liefde en heimwee, angst en troost, geloof en trouw, jeugddroom en verlangen. In 1910 kan hij naar Parijs reizen waar hij vriendschap sluit met Modigliani en Delaunay. Hij wordt tot de Franse school gerekend. In zijn kunst heersen de geheimzinnige wetten en logica van de dagdroom, van de liefde voor het verre Rusland, het wrange van het moderne plezier, het heimwee naar zijn kinderlijk geloof. Ofschoon hij jood is, verschijnt in zijn werk van 1935 af, als een voorgevoel van de vernielingsoorlog, de actueel en diep religieus doorleefde Kruisiging van Christus.
Voorbeelden: Museum of Modern Art, New York City 19 works

Chaim Soutine  1894-1943
   
In Wit-Rusland uit joodse ouders geboren, wordt tot de Parijse school gerekend omdat hij sinds 1911 in Frankrijk werkt. Hij woont te Parijs in La Ruche dicht bij de slachthuizen, die hem in zijn werk inspireren. Brutale vorm en extatische kleuren kenmerken zijn geslachte beesten en stukken vlees, maar ook zijn getormenteerde portretten en landschappen. Hij is bevriend met Chagall, Leger en Modigliani.

Het Vlaams expressionisme
   
Sint-Martens-Latem is het dorp aan de Leie, waar zich van 1900 tot 1914 twee groepen kunstenaars vestigden. De eerste groep, werkte in een symbolistisch religieuze geest onder de spirituele leiding van de dichter Karel van de Woestijne, met o.a. A
lbinus van den Abeele, 1835-1918, Georges Minne, 1886-1941, Valerius de Saedeleer, 1867-1941, Gustaaf van de Woestijne, 1881-1947, en Albert Servaes, 1883-1966. De tweede groep wordt gevormd door Frits van den Berghe, 1883-1939, Constant Permeke en Gust de Smet, 1877-1943. Ook Albert Servaes behoort tot deze groep.

A
lbert Servaes, 1883-1966
   
Is de grote vernieuwer. In de eerste jaren van zijn verblijf te Latem maakt hij een religieuze bekering door en aanziet van dan af zijn werk als een gebed. In een eerste periode gebruikt zijn kunst de vormen van een monumentaal en sober expressionisme. Zijn palet is streng: zwart, grijs en wit domineren. Hij schildert de grote thema's van het boerenleven: geboorte, eerste communie, landarbeid, dood. Geloof, leven en natuur zijn in dit werk ??n. De gestalten hebben een zwijgende, epische kracht. Diens Kruisafneming van 1922 bracht indertijd, door de zeer expressieve stijl, zoveel reactie teweeg, dat zij uit het klooster van Luithagen (Antwerpen) moest verwijderd worden. De lijdenservaring van de eerste wereldoorlog maakt Servaes tot de grootste Kruiswegschilder van deze tijd. In zijn laatste periode, na 1945, verlaat Servaes opnieuw het serene evenwicht. Gevestigd te Zwitserland verliest hij zijn direct monumentale expressie. Zijn werk wordt minder gespannen.

Constant Permeke, 1886-1952
   
De Smet en Van den Berghe hebben zich v??r 1914 in Latem gevestigd. Onder hen is Permeke diegene die in zijn vroege werken het meest aan Servaes te danken heeft. Ontgroeid aan het impressionisme, krijgt zijn werk een steviger accent. Tijdens de oorlog uitgeweken naar Engeland, maakt hij daar enkele belangrijke werken: o.a. Oogst te Devonshire
, 1917, zeer dynamisch, onder invloed van Turner en Ensor, De vreemdeling, 1916, reeds expressionistisch van geest. Na zijn terugkeer uit Engeland, ontstaan zijn beste werken tussen 1920 en 1930. Hij vertolkt in een brutaal spontane taal het geweld van de boer en de oerkracht van de aarde. Na een meer lyrische vorm zoals in De Vissersvrouw,evolueert hij naar een meer constructieve visie zoals in De Verloofden. Tijdens zijn verblijf te Oostende heeft hij wellicht enige invloed van Spillaert ondergaan.

Gustave de Smet, 1877-1943
   
Verblijft tijdens de oorlog in Nederland en ondergaat er o.m. de kubistisch-expressionistische invloed van Le Fauconnier, 1881-1946. Na 1922 vindt hij zijn eigen stijl. Meer beheerst dan Permeke, bouwt hij zijn composities rustig op en geeft ze een warme kleur. In tegenstelling tot Permeke behoort hij tot een constructief expressionisme.
 
Frits
van den Berghe, 1877-1943
   
Verblijft eveneens in Nederland tijdens de oorlog en ontwikkelt na zijn terugkomst een persoonlijk expressionisme dat, naar geest en vorm, meer naar het surrealisme verwijst met figuren gegroeid uit een mysterieuze natuurstof en gezichten als gehouwen maskers. In de behandeling van de mati?re herinnert hij aan Max Ernst, terwijl de negersculptuur invloed op zijn werk had.
Het Vlaams expressionisme kent zijn hoogtepunt rond 1928 en wordt verdedigd door Andr? de Ridder en P.G. van Hecke, evenals door de galerijen S?lection en Centaure.
Vele andere kunstenaars ontwikkelen een expressionistische vormentaal.
Een van de belangrijkste onder hen is
Jean Brusselmans, 1884-1953, die vooral in de jaren dertig een persoonlijke stijl ontwikkelt, gekenmerkt door een strenge structuur en psychisch geladen kleur.
De houtsnijkunst ontwikkelt zich in Vlaanderen onder de invloed van de Duitse houtsnede. Frans Masereel
, 1889-1972, vindt in zijn krachtige zwart-wit composities een expressieve, sociaal geëngageerde stijl. Ook de gebroeders Cantré: Jan-Frans, 1886-1931, en Jozef, 1890-1957, zijn bekend om hun houtsneden.

BEELDHOUWKUNST
   
Duitsland staat aan de spits
Edwin Scharf, 1887-1954, zoekt een vormhernieuwing in archa?sch Griekse beelden en verrijkt haar met de lessen getrokken uit het werk van Rodin. Typisch is de hermetische kracht in zijn werk.

Ernst Barlach, 1870-1933,
   
wil de kubistische structuren combineren met een sterk gedramatiseerde uitdrukking, en noemt zichzelf een leerling van de middeleeuwse beeldhouwers. Zijn figuren zijn meestal gedrapeerd en vormen een plastische massa door ??n enkele beweging geanimeerd.

Wilhelm Lehmbruck, 1881-1919,
   
aanvankelijk aangetrokken door Rodin, verandert van opvatting na kennismaking met Brancusi en Archipenko. Zijn vormen worden vereenvoudigd, de figuren uitge
trokken en versmald als de concretisering van een idee. Hij heeft de invloed van de Knielende jongelingsfiguur van Georges Minne ondergaan, maar er de geslotenheid van doorbroken.

Kathe Kollwitz, 1867-1945,
   
be
ďnvloed door Max Klinger en het sociaal realisme van Constantin Meunier, zal in haar werken het menselijk leed en drama leggen en in haar treurende figuren de geslotenheid van de middeleeuwse 'plorannen' en de kracht van Barlach.

In Vlaanderen
   
Georges Minne
, 1867-1941,
staat tussen symbolisme en expressionisme. Zijn Knielende reliekdrager verenigt de nostalgie van het ziele
leven met de expressieve kracht van een massale geslotenheid.
Naast zijn talrijke houtsneden streeft
Jozef Cantr?, 1890-1957, in zijn beelden naar een monumentaliteit, die hij bereikt dank zij de sober gesneden vlakken en de gesloten massa.

In Engeland
   
Jacob Epstein, 1880-1959,
krijgt in 1911 opdracht voor het grafmonument van Oscar Wilde te Parijs. Daar ontmoet hij Picasso, Brancusi en ontdekt de negersculptuur. Massief en ruw, vertonen zijn beelden, die meestal Bijbelse of literaire onderwerpen behandelen, expressionistische vervormingen die dikwijls door de kritiek moeilijk worden aanvaard.

** Via Hotels/Booking/Wereldwijd kunt u goed zoeken uw accommodatie in 190 landen. Laagste prijsgarantie, maximale keuze, tevreden gasten, onpartijdige hotelbeoordelingen, boeken in uw taal is mogelijk!

** Booking is meer dan alleen hotels: zie eens ”Alle accommodatietypes”! 
** U vindt er o.a.:
   Appartementen - Resorts  - Villa's  - Hostels  - Accommodaties met onsen - Bed & Breakfasts  - Pensions  - Motels  - Ryokans  -  Vakantieboerderijen  - Vakantieparken  - Campings  -  Botels  - Herbergen  -  Aparthotels  -  Vakantiehuizen  -  Lodges  - Accommodaties bij particulieren  -  Landhuizen  -  Luxe tenten  - Capsulehotels  -  Lovehotels  - Riads  - Luxe Chalets