OLIJF, Olea europaea, Europese olijf, , naar overzicht Mediterrane Flora en Fauna. Maak uw keuze

Inleiding
Dit genus of geslacht , behoort tot de familie van de Oleaceae. De bladeren staan in paren, kelk en kroon zijn vierlobbig en als regel zijn er twee meeldraden. Tot deze familie behoren ook: de es, sering, Forsythia, liguster en jasmijn.
Het is een laag blijvende altijd groen boom.  De takken zijn sterk vertakt. De kroon is dicht en zilvergroen. Bij oude bomen kan de stam of stronk verwrongen en gebarsten zijn. Korte tijd kunnen de bomen tegen vorst. Blijft de temperatuur lang beneden de 8į dan gaan ze ten gronde. Ze houden van zon en hebben een hekel aan vocht. Ze groeien langzaam. Ze hebben een groot regeneratie vermogen. Ze kunnen eeuwen oud worden en behoren tot de oudste bomen van Europa. Cultivars worden door stekken en enten vermenigvuldigd. Het duurt 7-10 jaar voordat een boom in productie komt. Tussen de 40-200 jaar leveren ze de hoogste opbrengst.  De opbrengst hangt samen met de vruchtbaarheid van de bodem.

Vele miljoenen bomen leveren tussen november en februari olijven en olijfolie.
Het is het meest waardevolle vet in onze cultuur. Olijven voor de olie worden onrijp geoogst. Ze worden eerst gekneusd met een stenen rol  en dan met een schroefpers uitgeperst. Vroeger werd de olie ook wel voor verlichting gebruikt. De eerste koude persing levert de beste olie. Onder hoge temperaturen gebeuren de volgende persingen. De kwaliteit ervan is minder.

Tafelolijven oogst men in oktober, ze zijn dan nog groen en hebben een geringer oliegehalte.
De wat bittere smaak wordt weggenomen door weken in een licht alkalische oplossing. Men wekt ze daarna in pekel of in olie. De zwarte rijpe olijven zijn sterker van smaak.
Al 4000 jaar wordt de olijfboom in Griekenland gecultiveerd. De olijven vormen met geitenmelk en brood de primaire voedingsmiddelen van de boeren. Het snoeihout gebruikt men voor veevoeding, strooisel voor de stallen en als brandhout. Het hout is mooi gevlamd en heeft een fijne structuur. Men maakt er houten voorwerpen van. 

Olijfolie, Het geheim voor de gezondheid     
Het is reeds overal ter wereld bekend dat olijfolie een echte bescherming voor de gezondheid vormt, zoals tegen hart- en vaatziekten, nieuwe weefselvormingen, diabetes, de overige stofwisselingsziekten en andere aandoeningen. Het interessante is dat voortdurend nieuwe studies toegevoegd worden aan de al bestaande en bewijzen dat dit kostbare olijvensap de meest ideale voeding voor de mens is.
DE SLECHTE CHOLESTEROL
Het consumeren van olijfolie in plaats van andere vetten of spijsoliŽn vermindert het slechte LDL-cholesterol in het bloed en houdt het goede HDL-cholesterol op peil.
TRIGLYCERINEN
Het is bewezen dat door het consumeren van olijfolie de triglycerine in het bloed afneemt. De opeenhoping van slechte cholesterolen en triglycerinen in het bloed kunnen de bloedvaten, die de zuurstof naar de hersenen en de hartspier transporteren, verstoppen. In het algemeen voorkomt de olijfolie hart- en bloedvatenziekten.
BLOEDDRUK
De olijfolie vermindert de aandoeningen van hoge en lage bloeddruk, dus een geringere kans op hersenaandoeningen en hartkwalen.
KANKER
Zeer recente studies duiden aan dat de consumptie van olijfolie voorkomen of de ontwikkeling ervan kan vertragen en misschien wel van andere kankervormen. Een evenwichtige voeding met olijfolie en groente kan de kans op deze kankersoorten verkleinen.
MAAG- EN DARMSYSTEEM
Studies van de laatste jaren tonen aan dat de olijfolie in voeding (consumptie van groente, minder vlees enz.)
- tegen maagkanker beschermen
- de lever beter doen functioneren
- de lever helpen om de giftige stoffen uit te stoten
OSTEOPOROSE (BOTONTKALKING)
De olijfolie helpt bij de instandhouding van het bottenstelsel, osteoporose.
REUMATISCHE AANDOENINGEN
Het consumeren van olijfolie vermindert met 75% de, kans op reumatiek, bijzonder als we een evenwichtig dieet volgen en meer vis eten.  
DIABETES
De olijfolie helpt bij de behandeling van suikerziekte. 
Bovenstaande tekst over olijfolie is ontleend aan het prachtige boek:
"De cultuur van de Olijfboom en Olijfolie".Uitgave van Karmano onder bescherming van de Griekse Custatoire Akademie en wordt  aanbevolen aan hen die echt alles over de olijfboom, olijfolie en de vele toepassingen ervan willen weten.

Mythische olie   
Volgens de mythe konden Athena en Poseidon het niet eens worden over wie de heerser van Attica moest worden.
De oppergod Zeus werd gevraagd als scheidsrechter op te treden. Hij deelde de kemphanen mee dat hij degene die hem een voor de mensheid nuttige uitvinding kon presenteren, tot winnaar zou verklaren. Daarop gaf Athena Moeder Aarde opdracht een nieuwe en zeer bijzondere boom te laten. groeien en zo ontstond de olijfboom. Zeus was erg tevreden en wees de godin aan als winnaar.

De olijfboom komt oorspronkelijk uit het gebied tussen Pamir en Turkestan.
Vandaar uit verspreidde hij zich vijfduizend jaar geleden over het hele Middellandse Zeegebied en bepaalde niet alleen de culinaire gewoonten van de hier wonende mensen, maar werd ook in veel gebieden in een religieuze cultus vereerd. Zijn takken en vruchten, maar ook zijn olie gelden als symbolen van het leven, de vruchtbaarheid en het licht. Vooral in Griekenland heeft de boom veel waarde. Het bruidsbed van Odysseus en Penelope stond volgens het verhaal in de uitgeholde stam van een olijfboom en de beelden van de goden -van Zeus tot Athena- werden met de olie ingewreven om de godheden in hun beelden vast te houden. Griekse atleten zalfden zich met olijfolie en de winnaars van Olympische wedstrijden werden met de takken van de olijfboom gekroond. De Spartanen gebruikten voor hun doden een bed van olijfbladeren als laatste rustplaats. in het keizerlijke Rome ontstond rond de olijf een regelrechte industrie. Olijfolie kreeg zelfs een eigen goederenbeurs, de arca olearia, om de levendige handel te kunnen regelen. Plinius deelde mee dat er niet minder dan vijftien soorten te koop werden aangeboden. De religieuze en economische betekenis van de olijfboom was zo groot dat ook het christendom hem niet kon negeren. De olijftak werd het vredessymbool en de olie zelf werd bij rituelen, zoals het laatste oliesel, gebruikt.
De Griekse arts Hippocrates beval reeds het gebruik van verse olijfolie bij verschillende ziekten aan.
Na de ondergang van het Romeinse Rijk, toen de verbouw van olijfbomen voor het grootste deel stillag, werd er in de kloosters verder geŽxperimenteerd. De olie werd verwerkt tot huidverzorgende middelen, verzachtte door brandnetels veroorzaakte jeuk, hielp tegen hoofdpijn, buikpijn, oorontsteking en in geval van nood ook tegen het 'boze oog'. Regelmatig kauwen op een olijfblaadje maakt het tandvlees sterker en houdt de tanden wit. Tegenwoordig zijn de voordelen van olijfolie voor de gezondheid wetenschappelijk bewezen. Het is licht verteerbaar, werkt positief op maag en darmen, beschermt tegen aandoeningen aan de bloedsomloop en splitst zich in tegenstelling tot dierlijke en andere plantaardige vetten bij verhitten niet in schadelijke substanties.

Toscaanse olijfolie    
Al vanaf de 4e eeuw haalden Toscaanse handelaren olijfolie uit Puglia en CampaniŽ, die ze of direct verkochten of tot een speciale zeep voor de wolindustrie verwerkten. Door de hoge olieprijzen en de moeilijkheden om voldoende goederen op de Europese markten af te zetten ontstond in de loop van de tijd het inzicht dat het zinvoller zou zijn zelf olie in Toscane te produceren. Om het schaarse bestand aan olijfbomen te vergroten werden er zelfs door de staat maatregelen getroffen. Bezitters van olijfboomgaarden kregen opdracht de aanplant, afhankelijk van de grootte, met twee of vier olijfbomen per jaar uit te breiden. De Medici bevorderden de olijfaanplant op een heel speciale manier. Het is aan hun planologische en economische initiatieven te danken dat Toscane niet alleen een prachtige landstreek, maar ook een belangrijke olieproducent is gebleven.

De belangrijkste productiemaatregel van de Medici was de overdracht van heuvelachtige, beboste percelen aan de gemeenten,
zodat die ze voor een aantrekkelijke prijs en onder de voorwaarde dat er uitsluitend wijnstokken of olijfbomen verbouwd mochten worden, aan de boeren konden verpachten. Omdat deze agrarische politiek uiterst succesvol bleek te zijn, kon er in de vroege 16e eeuw al olijfolie naar andere streken worden geŽxporteerd. Sindsdien is de olijfaanplant steeds uitgebreid. In de tweede helft van de 19e eeuw werden bijvoorbeeld de grote olijfboomgaarden in de Maremma en de Val di Chiana aangelegd. De meeste aanplant bevindt zich echter in de heuvelketen rond Florence, die zich uitstrekt van Siena en Arezzo tot in het binnenland van Pistoia en de omgeving van Lucca en Carmignano. Speciaal na de vorst van 1985 benutten de landbouwers de gelegenheid om hun bevroren olijfbomen door geschiktere en volgens landbouweconomisch inzicht 'modernere' soorten te vervangen. Ook de aanvankelijk gemengde aanplant van wijnstokken en olijfbomen is steeds meer verdwenen. Er wordt inmiddels steeds meer monocultuur bedreven.

In Toscane worden vooral de soorten frantoio, leccino, moraiolo en pendolino verbouwd.
Iedere streek heeft zijn eigen methoden en tradities om de boomgaard te bewerken en een goede oogst te leveren. De olieproductie verlangt in de eerste plaats nauwgezetheid en ervaring. De eigenschappen die de kant-en-klare olie later heeft, hangen hoofdzakelijk af van het klimaat en de oogsttijd. Een olie afkomstig uit milde, meestal aan zee gelegen klimaatzones, zoals Lucca of Grosseto, smaakt zachter, ronder en de typisch aandachtige smaak komt niet zo duidelijk naar voren. In de heuvelachtige gebieden daarentegen en in de Alpen, waar de temperaturen lager zijn, worden de olijven niet zo rijp. Ze geven een kruidige, fruitige olie met een lichtbittere smaak die evenwel uitgewogen en krachtig is. De groenere oliesoorten worden uit olijven gewonnen die 'nog niet donker geworden zijn', zoals hier gezegd wordt, dus relatief onrijp geoogst worden. De kwaliteit van een olijfolie wordt bepaald aan de hand van het gehalte aan vrij oliezuur. Het zuurgehalte bij een olio d'oliva extra vergine mag niet meer dan 1% zijn. De waarden van de beste oliŽn liggen echter nog lager, namelijk tussen 0,2 en 0,5%. Ze zijn transparant, licht goudgroen en hebben een volle, uitgesproken smaak. Zo nu en dan hebben ze een zacht amandelaroma of geuren licht naar appel, artisjok of paprika.

Soorten olijfolie      
Moraiolo
Moraiolo is een van de belangrijkste olijfsoorten. Hij stamt uit Toscane, maar komt inmiddels in heel Midden-ItaliŽ voor, vooral in de omgeving van Spoleto in UmbriŽ. Moraiolo geeft een typisch fruitige olie met een intensief aroma en een lichtbittere en pikante nasmaak.
Leccino
Uit de olijfsoort leccino wordt de uitgesproken milde, goudgele olie met een zacht amandelaroma gemaakt. Het karakter van deze olie is echter niet zeer uitgesproken, zodat hij snel vervlakt. Men mengt de leccino om die reden graag met de beter houdbare moraiolo. Omgekeerd profiteren moraiolo-oliŽn van een kleine leccino-toevoeging, omdat ze er milder van worden zonder hun uitgeproken eigenschappen te verliezen.
Frantoio
Frantoio is een olijfsoort die een zeer fruitige olie geeft. Hij heeft een sterke 'olijven'- smaak, is echter niet agressief en heeft geen bittere of pikante nasmaak. De houdbaarheid van deze smaragdgroene olie kan door bijmenging van moraiolo en leccino worden verbeterd.
Pendolino
De soort pendolino wordt vooral in de provincie Florence als aanvulling in de olijfboomgaard verbouwd en doet dienst als bestuiven. Hij geeft een olie die erg op de leccino lijkt, maar niet veel body heeft. Hij wordt in kleine hoeveelheden aan andere soorten toegevoegd om de aanwezige eigenschappen te verzachten of te benadrukken, want hij werkt harmoniserend. Bij de hoge kunst van het maken van olie hoort ook het maken van het juiste mengsel.

Olijvenoogst     
In de weken tussen begin november en midden december worden de vruchten van de olijfboom geoogst.
Het precieze tijdstip van de oogst moet zorgvuldig gekozen worden, want olijven mogen niet te onrijp maar ook niet volledig rijp zijn. Ook nu nog wordt er met de hand geoogst. De geplukte of met een speciale hark voorzichtig 'afgekamde' olijven vallen op nylon netten die voor de oogst onder de boom zijn gelegd. Veel olijfboeren geven evenwel de voorkeur aan de techniek in plaats van handwerk en oogsten met behulp van een schudmachine. Daarbij pakt een buigzame arm de boom vast, schudt hem en vangt de vruchten in een scherm op. De olijven worden schoon gezogen en van blaadjes en stelen ontdaan. Deze oogstmethode kan evenwel alleen in speciaal daarvoor aangelegde boomgaarden worden gebruikt. Of ze nu machinaal of handmatig worden geoogst, olijven moeten zo snel mogelijk verzameld en naar de oliemolen gebracht worden, want net als bij de productie van witte wijn liggen oxidatie en ongecontroleerde gisting op de loer.

In de oliemolen worden de vruchten van bladeren en stelen ontdaan en gewassen.
Daarna worden ze door zware granieten maalstenen fijn gedrukt. Er zijn weliswaar modernere machines, maar in Toscane wordt vastgehouden aan de stenen gevaarten omdat ze ook de hardste olijfpitten fijnmalen en dus een heel gelijkmatige olijvenbrij garanderen. Na het malen wordt de brij 'gekneed', dat wil zeggen langzaam en voorzichtig omgeroerd. Aansluitend strijkt de molenaar de brij in ongeveer 2 cm dikke lagen op persmatten die vervolgens op een passend onderstel worden gestapeld. Een hydraulische pers neemt de pershandeling nu over. Het mengsel van olie en water loopt uit de randen van de matten en wordt opgevangen.

In een centrifuge wordt het water afgescheiden.
De verse olie wordt in terracottakruiken of in moderne stalen tanks gegoten en heeft, beschermd tegen de werking van het licht en temperatuurschommelingen, dertig tot veertig dagen nodig om helder te worden. Daarna wordt hij nog een keer gefilterd. Intussen zijn er een paar oliemolens die niet meer volgens aile stappen van het traditionele systeem werken. Weliswaar worden ook in zo'n gewijzigde productie de olijven eerst geperst, maar de brij komt daarna niet meer in de vertrouwde pers; hij wordt bij hoge snelheid rondgeslingerd. Het mengsel van olie en water dat daarbij vrijkomt, wordt aansluitend in een centrifuge gedaan totdat de zuivere olie zich afscheidt.



Kwaliteitsniveaus     
Olio d'oliva extra vergine
Natuurlijke olijfolie extra, olie uit de eerste persing, de beste kwaliteit.
Olio d'oliva vergine
Natuurlijke olijfolie uit de tweede of derde persing, nog altijd zeer goed van kwaliteit.
Olio d'oliva
Olijfolie (ook zuivere) die bes een mengsel van natuurlijke en geraffineerde olie.
Olio di sansa d'oliva
Olijfdroesemolie, vaak uitsluitend olie van droesemresten, gewonnen met behulp van oplosmiddelen.

Olijven in AndalusiŽ     
Reeds in de Romeinse tijd exporteerde AndalusiŽ olijven naar andere landen aan de Middellandse Zee. Het bewijs ligt begraven in Rome: in 1872 ontdekte de archeoloog Heinrich Dressel dat de bijna 50 m hoge Monte Testaccio aan de oever van de Tiber uit restanten van oude amforen bestaat. Hierin zou olijfolie uit de Romeinse provincie Baetica, het huidige AndalusiŽ, naar de hoofdstad van het Rijk vervoerd zijn. Op de afvalberg zouden veertig miljoen van deze aardewerken potten liggen, met nauwkeurige inscripties over de producent, jaar van productie en de kwaliteit van de olie die erin bewaard werd.

Vermoedelijk kwam de olijfboom meer dan drieduizend jaar geleden vanuit Klein-AziŽ naar het Middellandse-Zeegebied,
waar hij in Griekenland en op Kreta tot de nu bekende soort Olea europaea werd opgekweekt. De Romeinen plantten olijfbomen aan in hun provincies, waaronder AndalusiŽ, en gebruikten de olie als handelswaar. Onder de mohammedaanse overheersing ontwikkelde de olijventeelt op het Iberisch schiereiland zich tot een belangrijke tak van de landbouw.

Tegenwoordig is Spanje de grootste olijfolieproducent van Europa.
Er groeien 215 miljoen olijfbomen op een oppervlakte van twee miljoen ha, waarvan meer dan 60% zich in AndalusiŽ bevindt, met name in de provincies Jaťn en Cůrdoba. De plantages strekken zich uit tot de horizon: monoculturen met bomen die tientallen jaren oud zijn, maar ook veel nieuwe aanplant, waarvoor de EU subsidies heeft verstrekt. In Jaťn is de picual de belangrijkste soort voor de productie van olijfolie. Deze neemt ruim 90% van het areaal in. In Cůrdoba teelt men ook de picuda en de hojiblanca.

Voor de winning van hoogwaardige koudgeperste olijfolie zijn drie factoren belangrijk:
de verzorging van de boom in eik seizoen, een efficiŽnte oogst en een behoedzame verwerking van de olijven tot olie. In traditionele olijfgaarden staan op 1 ha slechts tachtig bomen, zodat elke boom voldoende vocht en voedingsstoffen krijgt. Voor het bemesten wordt paardenmest gebruikt, men is zuinig met water en oogst zonder machines. De traditionele manier van oogsten, waarbij de mannen met lange stokken tegen de takken slaan, heet vareo. De rijpe vruchten vallen in netten die onder de bomen zijn uitgespreid.

Voor zeer edele olijfolie worden de olijven echter met de hand geplukt.
Producenten die zowel de teelt als de oogst en de bereiding van de olie op traditionele wijze uitvoeren, onderwerpen zich steeds vaker aan de normen van het Andalusische Comitť voor Ecologische Landbouw. Hun producten komen als biologische oliŽn op de markt en dragen het keurmerk van de organisatie. Spaanse milieubeschermers strijden voor subsidies uit Brussel en dringen erop aan het aantal olijfbomen niet constant te laten stijgen, maar ijveren voor een ecologische landbouw en de daarmee verbonden arbeidsplaatsen.
Niettemin is in de afgelopen decennia de moderne teeltmethode, die hogere opbrengsten bij een veel geringere inzet van werkkrachten garandeert, sterk toegenomen. Hiervoor worden de bomen met kleinere tussenruimten aangeplant en zo gesnoeid dat ze niet zozeer in de hoogte als wel in de breedte groeien, wat het oogsten met machines eenvoudiger maakt. D= plantages hebben meer water nodig en zijn gevoeliger voor insecten. Om de bomen toch tot een hoge prestatie te brengen, geeft men ze kunstmest.

Pluk en verwerking     
Van november tot februari komen er honderden plukkers naar de olijfgaarden om de vruchten van de bomen te halen. Voor olie van zeer goede kwaliteit zijn alleen gave en rijpe olijven geschikt. Opengebarsten, onrijpe of reeds geoxideerde olijven bevatten bittere stoffen, die de olie minder fruitig maken. Daarom moeten de olijven binnen 72 uur na de oogst verwerkt worden. In traditionele bedrijven vermaalt men ze tussen granieten walsen met de pit en al tot een pasta, maar veel firmaís gebruiken tegenwoordig ook moderne machines.

De allerbeste olijfolie is flor de aceite ('bloem van de olie').
Voor dit edele sap wordt de olijvenpasta gecentrifugeerd noch geperst: men vangt alleen de olie op die bij het malen vanzelf uit de pasta loopt. Zo blijven de meeste vitaminen, aromatische stoffen en onverzadigde vetzuren bewaard, maar de verkregen hoeveelheid olie is wel erg gering.

Voor de winning van koudgeperste olie wordt de olijvenpasta hydraulisch geperst
tussen ronde matten, die vroeger van espartogras gevlochten werden en tegenwoordig meestal van plastic zijn. In hypermoderne bedrijven gebruikt men elektrische centrifuges, die geen negatief effect hebben op de kwaliteit van de olie. Het belangrijkste is dat het sap zo voorzichtig mogelijk en zonder verhitting wordt gewonnen. Hoge temperaturen en oplosmiddelen, die men bij de bereiding van geraffineerde oliŽn toepast, tasten geur, smaak en voedingswaarde van de olijfolie aan.
Na het persen worden sommige oliŽn gefilterd om ze te klaren. Steeds meer firmaís laten hun olie echter natuurlijk troebel. Tot slot doet men de verse olijfolie in flessen en brengt men ze zo snel mogelijk op de markt.

Kwaliteitsklassen    
De zuurgraad van een olie vermeldt het aandeel aan oliezuur, een enkelvoudig onverzadigd vetzuur. Dit ontstaat door oxidatie, als de olijven uit de boom vallen en openbarsten op de grond of als men ze voor het persen te lang laat liggen. Hoe lager het gehalte vetzuur is, hoe fijner en fruitiger de olie smaakt.
Officieel onderscheidt men drie kwaliteiten.
Aeite de Oliva Virgen Extra (extra zuivere olijfolie):
de hoogste kwaliteitsklasse voor Spaanse olijfolie. Deze olie is gegarandeerd koudgeperst en heeft een zuurgraad van maximaal 1,0 (1 g vetzuur per 100 g olie).
Aceite de Oliva Virgen:
koudgeperste olijfolie met een zuurgraad van maximaal 2,0. Aceite de Oliva. geraffineerde olijfolie of een mengsel van geraffineerde en koudgeperste olie. De olie is relatief goedkoop, maar heeft ook minder geur en een lagere voedingswaarde dan koudgeperste olie. Geschikt voor bakken en frituren.

Veelzijdige olijfolie    
Olijfolie is overal voor geschikt: om eieren in te bakken, om geroosterd brood mee te besprenkelen, om mee te koken en te frituren, om marinades, sausen en salades mee (aan) te maken... In olijfolie blijven groenten, worst, vis en kaas niet alleen langer goed, maar wordt ook hun natuurlijke aroma versterkt.

Welke olie u kiest, hangt af van het gebruik.
Sommige oliŽn zijn uitgesproken fruitig en vrij zoet, andere zijn. stroever, boerser. De ene olie geurt naar amandelen of noten, de andere naar vijgen, en in weer een andere zult u een vleugje banaan of citroen ontdekken. De olie van vroeg geoogste olijven is vaak zoeter, fruitiger en lichter van kleur dan die van laat geoogste vruchten. Ongefilterde oliŽn zijn meestal troebel, groenig en intenser van smaak dan gefilterde. Bij de aankoop geeft de zuurgraad (zie kader links) u een idee van de kwaliteit en de smaak, maar wie de juiste keus wil maken, zal de olie toch moeten ruiken en proeven.

Dat koudgeperste olijfolie gezonder is dan dierlijk vet staat vast.
Het hoge gehalte aan enkelvoudig onverzadigde vetzuren is goed voor de stofwisseling en kan helpen de cholesterolwaarde te verlagen en daarmee de kans op hartklachten en problemen met de bloedsomloop verkleinen. Bovendien beschermen de plantaardige kleurstoffen en fenolen hart en bloedvaten. Vitamine E wordt als een krachtig antioxiderend middel beschouwd en versterkt het immuunsysteem. Daarnaast is olijfolie licht verteerbaar en bevordert het de genezing van maagzweren.

Inwrijven met olijfolie geeft verlichting bij bronchitis
en verhoogt de afweer en de elasticiteit van de huid. Voor de hoofdhuid en het haar is een pakking van olijfolie en citroen heel goed. En wie zich bekommert om het welzijn van tuinen kamerplanten, kan gerust naar de fles olijfolie grijpen: een paar druppels uitwrijven op het blad en de bladluizen leggen het loodje. Olijfolie kunt u het best binnen een jaar na de productie opmaken, want de smaak en de voedingswaarde gaan mettertijd achteruit. Bewaar de olie op een koele en donkere plaats, bij voorkeur in een bruine fles of kruik, want zonlicht en warmte tasten de houdbaarheid en kwaliteit aan.

Spaanse olijven voor olie    
Picual
levert een uitgesproken fruitige olie, die in geur en smaak aan perziken en gedroogde vijgen doet denken en zeer geschikt is om fruit en zoete gerechten te verfijnen. Past perfect bij dunne schijfjes sinaasappel met wat tijmhoning en kaneel. Picual wordt vaak vermengd met picuda of hojiblanca.
Hojiblanca
levert een verfijnde olie met zoete en bittere nuances, waarvan de pikante noot snel verzacht en een aroma van kruiden en bloesems achterlaat. Geschikt voor bakken en smoren, in gazpacho en in marinades voor vis en vlees.
Verial
komt meestal van kleine coŲperaties nabij Vťlez-MŠlaga en levert groengelige, zeer zachte en fruitige oliŽn met een vleugje amandel. Geschikt voor gazpachos, marinades en stoofgerechten.
Arbequina
geeft een frisse, lichtgele tot groenige olie met iets bitters en een kenmerkende geurnoot van rijpe artisjokken. Past goed bij sla en gemarineerde gerechten. De olie van de rijpere olijven is ideaal voor alioli en mayonaise.
Empeltre
levert een vaak lichtgele tot goudgele olie met een fruitig, soms iets zoetig amandelaroma en een bittere toets. Geschikt voor dressings, marinades en mayonaise. Een paar druppels op schapenkaas smaken goddelijk.
Cornicabra
levert een goudkleurige olie met een groenige schijn, die vol, zoetig en iets bitter smaakt. Geeft groente een pittige toets en is ook zeer geschikt voor mayonaise en wild. Het zit 'm in de soort.- net als bij wijn bepaalt de keuze van de vruchten de smaak van de olie. 

** Een accommodatie in Nederland kunt u goed vinden via Hotels/Appartementen/NL (6527).
** Via Hotels/Wereldwijd kunt u goed zoeken naar een juiste accommodatie in 102 landen.    .